
In en buiten ons land heerst brede consensus over het toenemende belang van arbeidsparticipatie, zeker in het licht van de toenemende vergrijzing en de internationale concurrentiedruk. Een basisvoorwaarde hiervoor is een goede gezondheid en vitaliteit van de beroepsbevolking, adequaat bewaakt, ondersteund en (zoveel mogelijk) hersteld op de grens van arbeid en zorg.
Ondanks diverse onderzoeksprojecten, experimenten en convenanten en ondanks de recente, aanzienlijke veranderingen in het wettelijk kader voor de arbozorg, de sociale zekerheid als ook de curatieve gezondheidszorg, is de relatie tussen gezondheidszorg en arbeid niet optimaal. Er lijkt sprake van een hardnekkig gebrek aan responsiviteit vanuit de curatieve gezondheidszorg en de verzekeraars op dit punt, en van een onvermogen van werkgevers en werknemers om de beoogde regievoering op zich te nemen. Het gaat hier niet om het 'falen' van één of meerdere partijen (curatieve zorgaanbieders werkgevers, verzekeraars, werknemers) maar om 'systeemfalen': het onvermogen van het collectief van deze partijen om de hier beschreven problematiek structureel aan te pakken. Initiatieven en experimenten blijven te vrijblijvend en versnipperd. Een meer structurele aanpak lijkt noodzakelijk.
Het onderzoeksprogramma Arbeid en Gezondheidszorg onderzoekt dit systeemfalen en de mogelijke oplossingen in het traject tussen 'preventie en WIA'. Het traject tussen 'preventie en WIA' is het traject vanaf het klachten krijgen, ziekmelden, werken aan medisch/ functioneel herstel, tot aan de werkhervatting, of - als dat niet 'vanzelf' lukt - tot re-integratie vóór 'einde wachttijd' van twee jaar. Het gaat hier met name over de wijze waarop werkgever en werknemer een grotere regie kunnen krijgen in dit traject.
Het programma bestaat uit de volgende twee thema’s:
Het programma wordt uitgevoerd door drie partijen: de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences Vakgroep Sociale Geneeskunde van de Universiteit Maastricht, TNO kwaliteit van leven en Plexus Medical Group. De doorlooptijd van het programma is zes jaar (september 2009 - september 2015).