terug

Status:
Lopend

Projectleider:
Prof. dr. C. van Ewijk
Netspar, Tilburg University

Begindatum:
Maart 2015

De afweging tussen kosten, ambitie en risico in pensioencontracten

Elke Nederlander wil graag een hoge en gegarandeerde pensioenuitkering en wil daar slechts een beperkte pensioenpremie voor (laten) betalen. Niet elke Nederlander is zich er evenwel van bewust dat een afruil tussen deze drie componenten (te weten ambitie, zekerheid en kosten) onvermijdelijk is. Een volledig gegarandeerd pensioen, waarin pensioenfondsen dus geen beleggingsrisico kunnen nemen, leidt óf tot lage uitkeringen óf tot heel hoge pensioenpremies. De afruil tussen kosten, ambitie en risico in pensioenregelingen staat centraal in dit onderzoeksproject.

In het pensioenakkoord van 2010 en 2011 hebben werkgevers en werknemers ervoor gekozen explicieter en transparanter beleggingsrisico te nemen ten behoeve van de gewenste afruil tussen kosten, ambitie en risico van pensioenregelingen. Sindsdien wordt nagedacht over een nieuwe inrichting van het pensioenstelsel. Het uitsmeren van schokken in de waarde van de beleggingen en in de ontwikkeling van de levensverwachting is een van pijlers van de hervorming van het pensioenstelsel. Door schokken uit te smeren kunnen de risico’s voor ouderen worden beperkt, terwijl jongeren wel adequate beleggingsrisico’s kunnen nemen waardoor de pensioenopbouw voor hen betaalbaar blijft. In deze studie wordt onder andere uitgewerkt hoe een pensioenstelsel dat op dit principe van uitsmeren van schokken is gebaseerd er uit zou kunnen zien. Ook de welvaartswinst die behaald kan worden door risico’s binnen pensioenfondsen te verhandelen zal in kaart worden gebracht. Inmiddels is duidelijk dat het in 2015 te introduceren nieuwe Financieel ToetsingsKader slechts een tussenstap markeert en is door de staatssecretaris al een vervolgdiscussie aangekondigd. Onder andere de vraag in hoeverre gegarandeerde pensioenuitkeringen en het uitsmeren van schokken op een goede manier gecombineerd kunnen worden is daarbij aan de orde. Gedacht kan bijvoorbeeld worden aan een systeem waarbij jongeren weinig garanties opbouwen, maar de pensioentoezegging steeds meer het karakter van een garantie krijgt naarmate de deelnemer ouder wordt. Een dergelijk pensioenstelsel kan de sterke punten van de Nederlandse pensioentradities (levenslange uitkering, deels op basis van garanties, verplichte deelname, lage kosten, alleen behapbare keuzemogelijkheden) optimaal combineren met de sterke punten van premieregelingen zoals recent bepleit is door een aantal grote ondernemingspensioenfondsen.