terug

Status:
Lopend

Projectleider:
Prof. dr. T.E. Nijman
Netspar, Tilburg University


De toereikendheid van pensioenen

De financiële positie van ouderen staat de laatste tijd flink in de belangstelling. De vergrijzing van de bevolking heeft geleid tot maatregelen die pensioenen en AOW-uitkeringen betaalbaar moeten houden. De AOW – het basispensioen voor iedereen die altijd in Nederland heeft gewoond – is onlangs hervormd, waarbij de AOW-leeftijd langzaam omhoog gaat. VUT-regelingen die uittreding ver voor de AOW-leeftijd aantrekkelijk maakten zijn grotendeels afgeschaft. De leeftijd waarop mensen met pensioen gaan is daardoor de laatste jaren flink gestegen.

Recent onderzoek laat zien dat de ouderen van nu en van de nabije toekomst er gemiddeld financieel veel beter voorstaan en zullen staan dan de ouderen van 25 jaar geleden. Dit is een gevolg van verhoging van de koopkracht van de AOW en aanvullende regelingen voor ouderen, maar vooral ook van meer aanvullende pensioenopbouw en groter vermogen, bijvoorbeeld in de vorm van een eigen huis. Dit rechtvaardigt volgens velen versobering van belastingvoordelen voor pensioenopbouw in de tweede en derde pijler en andere regelingen bedoeld om de inkomenspositie van ouderen te ondersteunen. Toch blijven er zorgen, enerzijds wegens macro-economische risico’s en anderzijds omdat niet alle groepen evenveel profiteren. Dit laatste is waarop dit project aangrijpt: de grote verschillen in het te verwachten inkomen na pensionering en de daarmee gepaard gaande onzekerheid tussen en binnen sociaaleconomische groepen. Sommige groepen zijn extra kwetsbaar, zoals zelfstandigen zonder aanvullend pensioen of immigranten met onvolledige AOW. Het is van belang deze heterogeniteit in kaart te brengen en te onderzoeken hoe pensioenbeleid ervoor kan zorgen dat ook de kwetsbare groepen een financieel gezonde oudedag tegemoet gaan. Daarbij gaat het niet alleen om pensioeninkomen maar ook om de toereikendheid daarvan, dus ook over bestedingspatronen en vermogensbronnen die het pensioeninkomen kunnen aanvullen. Hoe de heterogeniteit in financiële zekerheid en welvaart van ouderen eruit ziet, hoe stabiel het is in de loop van de tijd, hoe dit samenhangt met arbeidsmarkttransities in het verleden en andere factoren zoals gezondheid of gezinssituatie, staat centraal in deze studie. Enerzijds wordt nagegaan hoe de dynamiek in iemands arbeidsmarktpositie (werknemen, zelfstandig, niet-werkend) van invloed is op de pensioenopbouw. Anderzijds wordt bestudeerd in hoeverre pensioeninkomen samen met andere factoren bepalend is voor de toereikendheid van het pensioen. Ook wordt bestudeerd hoe Nederland zich wat dit betreft verhoudt tot andere landen met andere pensioenstelsels. De resultaten zullen meer inzicht geven in de relatie tussen de inkomenspositie van ouderen en hun arbeidsmarktverleden, financiële beslissingen, gezondheid en andere factoren. Dit zal laten zien hoe kwetsbaar bepaalde groepen zijn zoals zelfstandigen, werklozen en arbeidsongeschikten. Het onderzoek kijkt naar de mogelijke gevolgen van potentiële hervormingen in het pensioenstelsel. Hierbij ligt de nadruk op Nederland maar wordt Nederland ook vergeleken met andere Europese landen waar financiële zekerheid van ouderen wordt nagestreefd met een heel ander pensioenstelsel.