terug

Status:
Lopend

Projectleider:
Prof. dr. H. Wind
AMC, Universiteit van Amsterdam

Begindatum:
Oktober 2013

Richtlijnontwikkeling Chronisch zieken ten behoeve van bedrijfs- en verzekeringsartsen

Verzekeringsartsen en bedrijfsartsen hebben een belangrijke taak bij het bevorderen en in stand houden van de arbeidsdeelname van chronisch zieken. De overlap in het werkveld van deze professionals en de gemeenschappelijke taak in de zorgketen ten aanzien van behoud van werk of terugkeer naar werk, is de basis voor een gezamenlijke, overkoepelende richtlijn voor arbeidsparticipatie van chronisch zieken. Daarnaast spelen behandelend artsen een rol bij het aan het werk komen en blijven van werkenden met gezondheidsproblemen. Ook dit komt aan de orde in de te ontwikkelen richtlijn.

Het aantal werkenden dat belemmerd wordt door gezondheidsproblemen in het uitvoeren van hun werk groeit. Het is van belang de kennis die er is op het gebied van chronisch zieken en arbeid op een systematische en wetenschappelijk verantwoorde wijze te verzamelen en te verwerken in een gezamenlijke en ziektegenerieke richtlijn voor bedrijfs- en verzekeringsartsen. Bij het ontwikkelen van de richtlijn worden drie fasen onderscheiden: een voorbereidingsfase, ontwikkelfase en afrondingsfase.

Door de onderzoeksgroep wordt aan de hand van de literatuur een startnotitie opgesteld. Deze maakt in grote lijnen duidelijk waar de knelpunten liggen ten aanzien van arbeidsparticipatie van chronisch zieken. De notitie wordt in een werkgroep besproken waarbij de vragen worden vastgesteld waarop de richtlijn een antwoord moet geven. In deze werkgroep hebben de belangrijkste betrokkenen bij de ontwikkeling van de richtlijn zitting: bedrijfs- en verzekeringsartsen, andere zorgverleners die in hun dagelijks werk te maken hebben met de problematiek en patiënten. Meerdere patiëntenverenigingen maken deel uit van de werkgroep. Systematisch literatuuronderzoek, aangevuld met kennis van verschillende deskundigen – waaronder die van patiënten – geven antwoord op de vragen en dit leidt tot het formuleren van aanbevelingen die worden opgenomen in de richtlijn. De richtlijn wordt vervolgens door de wetenschappelijke verenigingen geautoriseerd. Hierna volgt de invoering van de richtlijn, eerst op beperkte schaal in de vorm van een gebruikerstest en daarna – na het verwerken van de ervaringen uit de gebruikerstest – in groter verband. Hierbij wordt een evaluatieonderzoek uitgevoerd dat zich richt op aspecten van bruikbaarheid en haalbaarheid. Daarnaast wordt met moderne communicatiemiddelen als mobiele applicaties aandacht gevraagd voor de aanbevelingen in de richtlijn waarmee bevorderd wordt dat de kennis van de richtlijn breed verspreid wordt.

Het resultaat van het onderzoeksproject is een richtlijn die in de praktijk van verzekeringsartsen en bedrijfsartsen wordt toegepast. Toepassing van de richtlijn heeft tot doel dat chronisch zieken die door hun gezondheid worden belemmerd in arbeidsdeelname:

  • hun werk behouden, al dan niet met aanpassingen;
  • terug kunnen keren naar passend werk;
  • een start kunnen maken met werk dat past bij hun fysieke en mentale mogelijkheden.