terug

Status:
Afgerond

Projectleider:
Prof. dr. T. Wilthagen
Tilburg University


Bijlage:

Samenvatting


Werkzekerheid

Centraal in dit onderzoeksprogramma staat de vraag hoe op de Nederlandse arbeidsmarkt werkzekerheid kan worden ontwikkeld: de zekerheid dat mensen aan het werk komen én blijven. Uitgangspunt is dat de baan voor het leven aan het verdwijnen is en dat mensen de capaciteiten en faciliteiten nodig hebben om, indien nodig, tijdig over te stappen naar een andere functie of baan. Dit vraagstuk werd door premier Balkenende bestempeld als een van de belangrijkste kwesties voor ons land. Het thema van werkzekerheid wordt in het onderzoeksprogramma geplaatst binnen de flexicurity-benadering, zoals deze recent binnen het Europese werkgelegenheidsbeleid is ontwikkeld. Uitgangspunt van deze benadering is dat meer flexibliteit hand in hand dient te gaan – en kan gaan – met meer werk- en inkomenszekerheid.

Het programma bestaat uit zeven deelprojecten.

Project 1 is een integrerend en conceptueel onderzoek waarin nagegaan wordt wat werkzekerheid inhoudt, juridisch, sociologische, psychologisch en economisch beschouwd. Hoe onderscheidt werkzekerheid zich van andere zekerheden, zoals baanzekerheid en sociale zekerheid?

In project 2 wordt onderzocht welke rol collectieve arbeidsovereenkomsten en collectieve onderhandelingen kunnen spelen in het bieden van werkzekerheid. Zijn er specifieke (voorbeeld)bepalingen die in cao’s worden opgenomen, dan wel zouden moeten worden opgenomen?

In het derde project wordt een aantal buitenlanden bestudeerd om vast te stellen welke lessen Nederland kan trekken uit de wijze waarop elders werkzekerheid wordt georganiseerd. Zijn er best practices te vinden die bruikbaar en toepasbaar zijn met het oog op de Nederlandse arbeidsmarktsituatie?

De veranderingen in de verwachtingen die werkgevers en werknemers ten opzichte van elkaar hebben, wat betreft inzet en loopbaan, het zogenoemde psychologisch contract, vormen het onderwerp van project 4. Hoe ziet een nieuw psychologisch contract eruit? Zijn er wat dit aangaat verschillen tussen jongere en oudere werknemers?

Project 5 richt zich op de gevolgen voor werkenden van het (kortere of langere) verblijf in de sociale zekerheid voor hun werkzekerheid en inkomenszekerheid op de langere termijn. Wat zijn de gevolgen van toenemende flexibiliteit? Hoe zijn werkzekerheid en inkomenszekerheid het beste te meten?

In project 6 wordt onderzoek gedaan naar de voorwaarden waaronder werkgevers bereid zijn om werknemers door middel van scholing voor te bereiden op een vervolgstap buiten het betreffende bedrijf. Onder welke marktomstandigheden wordt er door bedrijven in algemene scholing geïnvesteerd? Welke gevolgen hebben deze investeringen voor de duur van werkloosheid?

Tot slot handelt het zevende project over de relatie tussen werkzekerheid en ontslagtoetsing. Kan het ontslagrecht zo worden ingericht dat zowel de werkgever als de werknemer meer wordt gestimuleerd om te voorkomen dat een met ontslag bedreigde werknemer daadwerkelijk werkloos wordt? In hoeverre wordt er in de ontslagtoetsing – vooraf of achteraf – rekening gehouden met scholingsinvesteringen, employability en werkzekerheid?

In het programma werken onderzoekers samen van de juridische, economische en sociale faculteit in Tilburg.